Pensioenpijler 1: sociale voorzieningen; AOW
Algemene Ouderdomswet (AOW)
Iedereen in Nederland met een geldige verblijfsvergunning is verzekerd voor de sociale voorzieningen. Wanneer de ingezetene tussen de 15 en 67e in Nederland is geweest, dan heeft hij recht op 100% van het staatspensioen.
Voor elk jaar dat men niet in Nederland verblijft, wordt 2% gekort. Eventueel kan men ervoor kiezen om de AOW zelf voort te zetten in dat geval. Een immigrant die later in Nederland komt wonen, kan eventueel de ontbrekende jaren inkopen.
Hoogte van de uitkering
De hoogte van de uitkering is gebaseerd op het netto minimumloon (bestaansminimum) en is afhankelijk van een aantal situaties:
| Situatie | Uitkering |
|---|---|
| Twee partners van 65 jaar of ouder | Elk ontvangen zij 50% van netto minimumloon |
| Twee partners, 1 jonger dan 65 jaar | Oudste ontvangt 50% met daarbij een toeslag tot maximaal 100%. |
| Oudste partner geboren op/na 1-1-1950 | Geen toeslag, AOW-gat. |
| Alleenstaande 65 jaar of ouder | 70% netto van netto minimumloon |
| Alleenstaande met kind jonger dan 18 jaar | 90% netto minimumloon |
Toeslag
De toeslag vult aan tot 100% van het minimumloon. Wanneer de jongste partner meer dan 15% van het bruto minimumloon met arbeid verdient, dan wordt de toeslag met 2/3e van het meerdere gekort. Inkomsten in verband met arbeid (sociale uitkeringen, VUT, ouderdomspensioen, etc.) worden voor 100% gekort op de toeslag.
AOW bedragen
Link naar actuele pensioenbedragen
Uitkering bij overlijden
Bij overlijden wordt vanuit de AOW eenmaal het uitkeringsbedrag inclusief vakantie toeslag uitgekeerd. (mei tot dag overlijden)
-
Dit wordt uitgekeerd aan:
- Echtgenoot/partner óf;
- minderjarige kinderen óf;
- degene voor wie overledene zorgde in gezinsverband.
Hierover zijn geen belastingen en premies verschuldigd.
Premie
De AOW-premie wordt geheven in de eerste twee belastingschijven als onderdeel van de premie volksverzekering.
Link naar hoogte premie
Uitvoering
De uitvoering van de AOW ligt in handen van de Sociale Verzekeringsbank. De gerechtigde dient de AOW zelf aan te vragen vanaf zijn 65e.
